In de praktijk is het kasstroomoverzicht een ondergeschoven kindje. Het wordt als laatste opgesteld en is vaak een rekenkundige exercitie op basis van de balans. Klopt dit eigenlijk wel? Vaak niet! Hoe dient een kasstroomoverzicht ook alweer opgesteld te worden? Als je geen antwoord op deze vraag kunt geven, lees dan verder!

In dit blog gaan wij deze vraag beantwoorden. Dit blog behandelt namelijk in hoofdlijnen de verschillende onderdelen van het kasstroomoverzicht en heeft aandacht voor een aantal zaken die in de praktijk vaak mis gaan.

Wat is een kasstroomoverzicht en waarom is dit onderdeel van de jaarrekening?
Een kasstroomoverzicht is een overzicht van de geldmiddelen die in de verslagperiode beschikbaar zijn gekomen en van het gebruik dat van deze geldmiddelen is gemaakt. Het kasstroomoverzicht is onderdeel van de jaarrekening omdat het, in samenhang met de balans en de winst-en-verliesrekening, bijdraagt aan het inzicht in de financiering van de activiteiten van de onderneming en in de liquiditeit, de solvabiliteit en de kwaliteit van het behaalde resultaat. Ook geeft een kasstroomoverzicht inzicht in het vermogen van de onderneming om geldstromen te genereren, voor zover historische geldstromen kunnen bijdragen aan het inzicht in de geldstromen in toekomstige perioden.

Uit welke onderdelen bestaat het kasstroomoverzicht?
Het kasstroomoverzicht bestaat uit drie onderdelen:
1)      kasstromen uit operationele activiteiten;
2)     kasstromen uit investeringsactiviteiten;
3)     kasstromen uit financieringsactiviteiten.

Ad. 1 Operationele activiteiten
Operationele activiteiten bestaan uit transacties en gebeurtenissen die veelal direct leiden tot opbrengsten en kosten in de winst-en-verliesrekening. Voorbeelden van kasstromen uit operationele activiteiten zijn:

  • ontvangsten voor verkoop van goederen en levering van diensten, waaronder de inning van debiteuren;
  • ontvangsten uit hoofde van royalty’s, commissies en dergelijke;
  • uitgaven voor de inkoop van goederen en diensten;
  • uitgaven ten behoeve van het productieproces;
  • uitgaven in verband met betalingen van termijnen uit hoofde van operationele leasing;
  • ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest. Let op: deze bedragen zijn enkel gelijk aan de interestbaten en -lasten indien er geen sprake is van transitorische posten!;
  • ontvangsten uit hoofde van dividenden;
  • ontvangsten en uitgaven in verband met winstbelastingen. Let op: ook hier geldt dat de daadwerkelijke kasstroom inzake winstbelasting niet altijd gelijk is aan de winstbelastinglast of -bate.

De Raad voor de Jaarverslaggeving beveelt aan om in het overzicht van de kasstroom uit operationele activiteiten een tussentelling ‘kasstroom uit bedrijfsoperaties’ te maken, waarin alle operationele kasstromen worden opgenomen behalve de kasstromen uit hoofde van interest, dividend en winstbelastingen

Ad. 2 Investeringsactiviteiten
Investeringsactiviteiten bestaan uit de investeringen in en desinvesteringen van immateriële, materiële en financiële vaste activa en tijdelijke beleggingen in vlottende activa, tenzij deze beleggingen worden gerekend tot de geldmiddelen. Voorbeelden van kasstromen uit investeringsactiviteiten zijn:

  • uitgaven voor geactiveerde kosten van ontwikkeling;
  • uitgaven voor de aankoop van grond, gebouwen, machines, concessies en deelnemingen;
  • uitgaven voor zelf vervaardigde materiële vaste activa;
  • ontvangsten uit hoofde van de verkoop van vaste activa, tenzij deze als netto-omzet worden verantwoord;
  • uitgaven en ontvangsten in het kader van de verstrekking en aflossing van door de rechtspersoon verstrekte langlopende leningen;
  • uitgaven en ontvangsten uit hoofde van de belegging in niet op korte termijn zeer liquide effecten;
  • Uitgaven uit hoofde van interest welke is geactiveerd onder vaste activa.

Let op: indien deelnemingen worden gekocht of verkocht wordt de aankoopprijs respectievelijk de verkoopprijs als onderdeel van de investeringen in, respectievelijk desinvesteringen van, financiële vaste activa of groepsmaatschappijen opgenomen in het kasstroomoverzicht. Als een onderneming wordt verworven of afgestoten door middel van een activa/passiva-transactie, wordt op vergelijkbare wijze wordt gehandeld. Dit betekent dat wijzigingen in activa en passiva als gevolg van nieuwe of vervallen consolidaties niet als kasstromen uit hoofde van die activa en passiva worden gepresenteerd. Evenmin wordt de voor de deelneming betaalde goodwill afzonderlijk in het kasstroomoverzicht vermeld. Dit gaat vaak fout in de praktijk.

Wat ook vaak fout gaat in de praktijk is de situatie dat er een aan- of verkoop plaatsvindt van een groepsmaatschappij (geconsolideerde deelneming) en er in deze groepsmaatschappij geldmiddelen aanwezig zijn. Deze geldmiddelen dienen dan namelijk óf de aankoop- respectievelijk de verkoopprijs in mindering te worden gebracht óf als onderdeel van de aansluiting tussen de netto kasstroom en de balansmutatie van de geldmiddelen afzonderlijk vermeld te worden.

Ad. 3 Financieringsactiviteiten
Financieringsactiviteiten bestaan uit de activiteiten ter financiering van de operationele en investeringsactiviteiten. Financieringsactiviteiten hebben invloed op de grootte of samenstelling van het eigen vermogen of het vreemd vermogen. Voorbeelden van kasstromen uit financieringsactiviteiten zijn:

  • ontvangsten uit hoofde van de uitgifte van aandelen;
  • uitgaven voor inkoop van eigen aandelen;
  • ontvangsten uit hoofde van opgenomen obligatieleningen, onderhandse leningen, hypothecaire leningen en andere korte en lange termijn leningen;
  • uitgaven ter aflossing van de leningen.

Twee methoden voor het bepalen van de kasstroom uit operationele activiteiten
Bij de weergave van de kasstromen uit operationele activiteiten dient een keuze gemaakt te worden uit de directe of de indirecte methode.

  • Bij de directe methode worden ontvangsten en uitgaven als zodanig gerapporteerd. Deze informatie kan rechtstreeks uit de administratie van de rechtspersoon worden afgeleid, of worden afgeleid uit de administratie door een aanpassing van de netto-omzet, de kostprijs van de omzet en andere onderdelen van de winst-en-verliesrekening.
  • Bij de indirecte methode wordt het gerapporteerde resultaat aangepast voor:
    • posten van de winst-en-verliesrekening die geen invloed hebben op ontvangsten en uitgaven in dezelfde periode;
    • mutaties in voorzieningen, overlopende posten, voorraden, handelsdebiteuren en handelscrediteuren;
    • posten van de winst-en-verliesrekening waarvan de ontvangsten en uitgaven niet beschouwd worden als behorend tot de operationele activiteiten.

De methode (direct of indirect) heeft alleen invloed op de presentatie van de kasstromen uit operationele activiteiten. Beide methoden resulteren uiteindelijk tot dezelfde totale kasstroom uit operationele activiteiten. Ook de classificatie van kasstromen als operationele, investerings- of financieringsactiviteiten is bij iedere methode gelijk. De totaal gerapporteerde kasstroom per activiteit wordt dan ook niet beïnvloed door de gekozen methode ten aanzien van de kasstroom uit operationele activiteiten. In de praktijk wordt de indirecte methode het meest toegepast op basis van onze observaties.

Moet iedere rechtspersoon een kasstroomoverzicht opnemen in de jaarrekening?
Nee, kleine ondernemingen en micro rechtspersonen zijn vrijgesteld. De verplichting vervalt ook in het geval het kapitaal van de rechtspersoon direct of indirect volledig wordt verschaft door een andere rechtspersoon die al een kasstroomoverzicht opstelt in de geconsolideerde jaarrekening en er gebruik gemaakt wordt van de wettelijke vrijstellingen.

Dit waren op hoofdlijnen de verschillende onderdelen van het kasstroomoverzicht en een aantal zaken die in de praktijk vaak mis gaan. Mocht u vragen hebben over het kasstroomoverzicht, dan helpen wij u graag. Houd onze blogs in de gaten!

Volg ons op LinkedIn en check onze coole site voor vacatures!

www.theauditgeneration.nl